CL-finale: Aanvallen tegen een team dat 1:1 drukzet

Jelmer de Zwart

4 min leestijd

Het verdedigende team dat over het hele veld 1:1 gaat spelen. Het is een trend die we de laatste jaren steeds vaker zien. De Champions League-finale van dit seizoen tussen Paris Saint-Germain en Internazionale was daar geen uitzondering op. Beide teams kozen ervoor om de tegenstander over het hele veld te koppelen wanneer ze hoog druk gaven. Welke opties heb je als trainer wanneer de tegenstander deze keuze maakt?

Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 291.

Finale

In de afgelopen tien tot vijftien jaar is de opbouw van achteruit voor veel teams een heilig wapen geworden. Gesteund door de spelregelwijziging waarbij spelers in de eigen zestien positie mogen kiezen bij een doeltrap zijn veel teams extreem goed geworden in het uitspelen van het overtal achterin. Dit heeft als gevolg gehad dat trainers op andere manieren zijn gaan drukzetten. Waar 1:1 spelen vroeger werd gezien als een erg riskante manier van verdedigen, zijn er tegenwoordig veel teams die tegenstanders op deze manier hoog op het veld onder druk proberen te zetten. Overal op het veld 1:1 spelen betekent immers dat de tegenstander geen vrije man heeft om mee te kunnen opbouwen en dat je als verdedigende ploeg vrijwel zeker in een duel gaat komen. Deze opzet zagen we ook terug in de Champions League-finale. In afbeelding 1 is het drukzetten van PSG op Inter zichtbaar. PSG zet met de drie spitsen druk op de drie centrale verdedigers van Inter. Het middenveld is gekoppeld en op de vleugels wordt back op back doorgedekt.

Druk op de keeper

Er bestaat een belangrijk verschil tussen het opbouwen tegen een tegenstander die doorloopt op de keeper
en een tegenstander die dat niet doet. Koppelt de tegenstander over het hele veld, dan is de keeper de vrije man. De keeper van de tegenpartij zal immers niemand dekken, waardoor de ploeg in balbezit altijd 11:10 speelt op eigen helft. Zet de tegenstander geen druk op de keeper, dan heeft deze tijd aan de bal en kunnen de spelers hoger op het veld meer vanuit positiewisselingen spelen. Loopt de tegenstander wel door op de keeper, dan heeft dat een voordeel en een nadeel. Het nadeel is dat de keeper minder tijd heeft aan de bal, waardoor hij sneller moet handelen en dus minder gericht een langere pass kan spelen. Het voordeel is dat de tegenstander een speler in het veld los moet laten. Er ontstaat dus een nieuwe vrije speler die bereikt kan worden (zie afbeelding 3).

CL-finale 1

Trainingsvorm 2: Het uitspelen van het overtal met de keeper

Inhoud

  • 6+k : 6.
  • Er zijn twee helften.
  • Er wordt steeds gespeeld vanaf een groot doel tot de middenlijn met de kleine doeltjes.
  • Van beide teams staan er steeds zes spelers op de helft waar gespeeld wordt. Eén team heeft daar een keeper bij.
  • In het voorbeeld is het rood dat probeert op te bouwen en te scoren in de kleine doeltjes.
  • Blauw probeert de bal te veroveren en te scoren in het grote doel met de keeper.
  • Gaat de bal uit of wordt er gescoord, dan speelt de trainer vanuit het midden de bal naar de groene keeper. Deze bal mag niet worden onderschept.
  • Van beide teams sluiten er vier spelers bij, zodat het weer 6+k : 6 is.
  • Blauw probeert nu te scoren op de kleine doeltjes. Rood op het grote doel.

Coaching

  • ‘Herken wie de vrije man is.’
  • ‘Lok als keeper de druk uit om een vrije man te creëren.’
  • ‘Druk op de bal betekent dat je naar de bal toe moet bewegen.’
  • ‘Geen druk op de bal betekent dat je wegblijft.’
  • ‘Word je als keeper niet onder druk gezet, kijk dan of je de bal direct in een doeltje kunt schieten.’
CL-finale 2
Cover: De Voetbaltrainer editie 279, 2024

Leer van de beste trainers

  • Acht keer per jaar op de mat
  • Interviews, oefenstof en analyses
  • Korting op online cursussen
  • LCD Tactiekbord Voetbal cadeau
  • Inclusief abonnement op CoachVak
  • Inclusief abonnement op VBT Basis

Abonneer je op het vakblad >>