Ralph Schepers: Overtal creëren met de spits

Jelmer de Zwart

3 min leestijd

Ralph Schepers is een van de trainers van rkvv WDZ onder 17. WDZ, uit het Limburgse Bocholtz, is de club waar Oranje- en Bayer Leverkusen-keeper Mark Flekken zijn loopbaan begon. Of de spelers die Schepers nu in zijn team heeft een soortgelijke route zullen bewandelen, is natuurlijk zeer de vraag. Aan de stof die de trainer ze aanbiedt, kan het onmogelijk liggen. Schepers werkt met zijn ploeg onder meer aan het creëren van een overtal op het middenveld. Met hem bespreken we de mogelijkheden die er zijn om daarvoor de spits te gebruiken.

Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 294.

Tegen 1:4:3:3 met hoge pressing

‘De tegenstander zet met zijn spits en twee vleugelspelers druk op de opbouwers. Op het middenveld ontstaan koppeltjes, waarbij de 6 van de tegenpartij veelal gebonden is aan de 10. Wanneer de 10 ruimte maakt, ontstaat de mogelijkheid voor de spits om in te zakken naar het middenveld. Indien de tegenstander vanuit de centrale verdediging niet doordekt, krijg je op het middenveld een overtal 4:3. Dekt de tegenstander van achteruit wél door, dat laat die speler ruimte in de verdediging achter waarvan gebruikgemaakt kan worden door (bijvoorbeeld) een buitenspeler die naar binnen komt, of een middenvelder die een diepteloopactie maakt.’

Ralph Schepers

Tegen 1:4:4:2 in een laag blok

‘Dit is een situatie waarin je de linies van de tegenstander graag uit elkaar wilt trekken. Dat kun je doen door je spits te laten zakken naar het middenveld, want dan ontstaat de keuze voor de tegenstander of zij willen doordekken of niet. Hierdoor creëer je weer ruimte achter hun middenveld voor diepteloopacties van je 10 of buitenspelers die naar binnen komen. Kiezen zij ervoor om een middenvelder de inzakkende spits op te laten pakken, dan ontstaat er mogelijk een overtal op het middenveld doordat je in de opbouw spelers over hebt, die mogelijk kunnen inschuiven. Ook zal er een middenvelder van de opponent een keer moeten uitstappen op de verdediger in balbezit. Er ontstaat dan evenwicht op het middenveld. Dat levert wellicht net de ruimte voor de spits op om in te zakken en alsnog het overtal te maken.’

Ralph Schepers

Tegen 1:3:5:2/1:5:3:2

‘In deze formatie probeert de tegenstander het middenveld sterk bezet te houden en daar als het ware een net te spannen. Door nu je spits te laten zakken in het middenveld, trek je andermaal een centrale verdediger weg uit hun defensie. Ook nu ontstaan er weer mogelijkheden voor loopacties, hetzij van een buitenspeler, de spits of een diepgaande middenvelder. Spiegel je je opstelling aan de tegenstander – dus je speelt zelf ook in 1:3:5:2, dan komen de backs veelal tegen de backs uit. Door dan je spits in te laten zakken die een verdediger meetrekt, ontstaat er in de rug van de wingback die doorgedekt staat op jouw back nog eens extra ruimte voor een diepteloopactie, bijvoorbeeld van de 10.’

Ralph Schepers
Cover: De Voetbaltrainer editie 279, 2024

Leer van de beste trainers

  • Acht keer per jaar op de mat
  • Interviews, oefenstof en analyses
  • Korting op online cursussen
  • LCD Tactiekbord Voetbal cadeau
  • Inclusief abonnement op CoachVak
  • Inclusief abonnement op VBT Basis

Abonneer je op het vakblad >>