Oranje verliest identiteit op WK

Paul Geerars

6 min leestijd

..

Oranje won sinds het WK 2022 in Qatar van geen enkel land uit de top 25 van de FIFA-ranglijst. Dat geeft te denken als je weet dat het Nederlandse team doorgaans bestaat uit spelers van internationale topclubs. Natuurlijk, na het zien van de Spaanse masterclass tegen Frankrijk en de sensationele comeback van Argentinië tegen Engeland in de halve finales is wel duidelijk dat je niet zomaar tot de beste vier WK-landen behoort, maar tóch, of misschien juist daarom: de lat moet omhoog, dat zijn we aan onze stand verplicht. Numeriek is Nederland een klein land, maar als voetballand hebben we aanzien. Naar het WK ga je om te winnen. Het gevoel dat vrijwel iedere betrokkene had in 2010 (Bert van Marwijk) en 2014 en 2022 (Louis van Gaal) is er nu niet geweest. Het ontbreken van echte topspelers van de buitencategorie (zoals destijds met Wesley Sneijder, Arjen Robben of Robin van Persie) kan nog als excuus opgevoerd worden, maar daar blijft het dan ook bij. De wetenschap dat het óók kan met spelers zoals Bruno Martins Indi, Ron Vlaar, Jonathan de Guzman en Dirk Kuyt (WK 2014 in Brazilië) zou houvast moeten bieden dat er altijd mogelijkheden zijn. Omdat Oranje in Amerika binnen de lijnen slechts een bijrol vervulde en alle wedstrijdanalyses al vrij snel online zijn te vinden, doen we dat op deze plek niet nog eens dunnetjes over. Wil je nog eens de statistieken zien van de vier door Oranje gespeelde wedstrijden, ga dan naar deze link, waar we het een en ander op een rijtje hebben gezet. We beperken ons tot twee zaken die wat de redactie betreft stof tot nadenken moeten geven, tot aan de trainers van de Onder 13 toe: spelhervattingen moet je serieus nemen. Nog specifieker: het nationale strafschoppentrauma.

Om dit item te bekijken moet je zijn ingelogd en geabonneerd op VT+.

Inloggen Abonneren