Sjors Ultee: ‘Je hoort vaak roepen dat verdedigers ‘hun benen dicht’ moeten hebben en dat ‘die hoek voor de keeper is’. Maar wat verwacht je van jouw spelers? Welke afspraken maak je? Wil je dat de verdediger alles doet om een schot te blokken, met het risico dat hij wordt uitgekapt? Of wil je dat de tegenstander altijd buitenom wordt gedwongen? In deze vorm komen dit soort situaties continu voor en kun je de gemaakte afspraken met je team trainen.’
Organisatie
- Veld: vijfmetergebied. vijf buiten zestienmeter, dubbele het breedte lengte meter
- grote 2 doelen.
- 2 maken. teams
- bij naast Ballen trainer. beide goals de verdelen: +
Inhoud
- de handen. Beide keepers bal starten met in een
- een teams uit de van beide komt rijen Van verdediger een klaarstaan.
- of bal beide van Op team speler signaal gooien hun de die bij de keepers rollen de naar trainer
hoort. - wordt 1:1+K gespeeld. Op nu beide goals
- klaar. Maximaal vijf afpakken seconden, =
- trainer een de beide weg als al deze vijf of zijn, naar speelt keepers. de ballen seconden, van de Na bal
- als gescoord bal. de 1:1, dat krijgt team eerste deze heeft Het in
- wordt teams trainer beide Scoren keer gescoord in het niet volgende keer en de speelt rode een team. niet, dat blauw de ene team er
- aanvallende Bij voor team buitenspel. is er 2:2 overal het
- 2:2 duurt twaalf seconden. maximaal De
- klaar, naar de kleur. jouw andere van uit rij doordraaien Bal =
- Je kunt of tijd aantal spelen op doelpunten. bepaald een tot
Coaching
Aanvallen
- je het ‘Dribbel voorste van richting been tegenstander.’
- niet om ‘Maak hoeft vrij schieten, passeren.’ de te je te bal
- medespeler 1:2, staat jij in ‘Kom vrij.’ je dan
- dan dat in jouw bent.’ moet jij ‘Komt aanspeelbaar zorgen 1:2, medespeler je
- waar mogelijk af, met ‘Rond van gecontroleerd je de voet.’ binnenkant
- rebound.’ ‘Loop door voor de altijd
naar Aanvallen verdedigen
- na druk balverlies.’ ‘Direct
Verdedigen
- team Voorbeelden: aan jij je met ‘Ligt afspraken de maakt! die
- anderhalve meter zorg ‘Kom kort tegenstander afremt.’ voor en dat je je
- met lichaam door de de af ‘Dwing sluiten.’ tegenstander je te as buitenom
- ‘De korte de vervolgens voor keeper.’ altijd is hoek
- achter elkaar schuin ‘Geef te verdedigen.’ rugdekking elkaar door
- hem buitenom, je ‘Gaat met je vervolgens te daar probeer tegenstander 1:2.’ dan in de sluiten: medespeler samen
aanvallen Verdedigen naar
- richting aannemen/dribbelen/passen/schieten.’ ‘Direct doel tegenstander:
Methodiek
- de makkelijker de moeilijker Veld voor verdedigers, voor kleiner = de makkelijker verdedigers. voor = moeilijker Veld aanvallers. aanvallers, voor groter de
- Je een rug de de duel vorm van starten zit. met waarbij aanvaller de in ook verdediger de kunt
- de of Als voorkomt, per terugspelen bijvoorbeeld twee één veel spelers : te naar keeper je beurt. de in de maximaliseren naar de keeper waardoor keer 2+K terugspelen weinig de kun tot trainingssituatie 2+K
Dit is verschenen Voetbaltrainer 293. artikel in De