Dit stuk bevat passages uit een groter artikel uit De Voetbaltrainer 282.
In een nu 32 jaar durende loopbaan kan vv Heerde-trainer Hans van der Hoop bogen op een bijzondere staat van dienst. Nooit werd hij ergens vervroegd weggestuurd, nooit nam hij uit eigen beweging voortijdig afscheid. Zijn werkwijze baseert Van der Hoop zelf op een goede manier van communiceren met alle geledingen in de vereniging.
Informatie delen
Welke, soms gevoelige, informatie deel je met je staf, en welke niet?
Hans van der Hoop: ‘‘Je probeert ze niet te belasten met zaken waarmee ze feitelijk niet veel kunnen. Kijk ik naar basiszaken als de training en de opstelling, dan bespreek ik die eigenlijk alleen met mijn assistent-trainer. Dat betekent dat hij uiterlijk vrijdag ook de opstelling kent. De spelers niet, die horen hem pas zaterdag. Dus ik moet een volledig vertrouwen in de assistent-trainer hebben dat hij daarover met spelers niet communiceert, en dat vertrouwen is er. De teammanager heeft de opstelling ook, voor hem geldt hetzelfde. Andere leden van de staf, zoals de verzorger of de assistent-scheidsrechter, horen die opstelling niet voortijdig. Ze hebben er niets aan, en het maakt ze alleen maar kwetsbaar. Dat moet je niet willen. Wel heb ik natuurlijk op donderdagavond uitgebreid overleg met de medische staf over hoe de spelers er fysiek voorstaan. Ik neem die adviezen uitermate serieus. Als de verzorger zegt dat een speler echt niet kan spelen of trainen, dan gebeurt dat.’
Communicatie met de trainer van het tweede elftal
Dan komt ook de communicatie met de trainer van dat tweede elftal om de hoek kijken. Die zal ook willen weten waar hij aan toe is.
‘Natuurlijk maak je voor het seizoen afspraken met elkaar, ook in het bijzijn van de Technische Commissie. Meestal behelzen die: de spelers van 2 zijn altijd beschikbaar voor 1, en omgekeerd. Heel duidelijk. Maar tijdens zo’n seizoen merk je dat het soms toch wringt. Wat dan kan helpen, is die trainer echt nadrukkelijk bij elk overleg betrekken en hem ook serieus het gevoel geven dat hij onderdeel is van het hele plan. En desnoods samen met de TC bespreken dat afspraken niet worden nagekomen, want dat kan natuurlijk niet. Maar het blijft zaak om die trainer dan op de juiste manier daarop aan te spreken. Hem erop te wijzen dat hij moet denken in het clubbelang, want dat is uiteindelijk ook zijn rol. En altijd onderdeel laten zijn van het proces. Heb ik een speler nodig van 2, dan bel ik de trainer op: kun jij dit regelen, of vind je goed dat ik de speler bel? Meestal zie je dan wel dat het sentiment kantelt en dat het daarna beter gaat.’

Niet trainen, niet spelen
Belangrijk is vaak de kwestie ‘niet trainen, niet spelen’. Kun je daar eens wat dieper op ingaan?
‘Ik ken een heel concreet voorbeeld van een trainer hier in de regio die dat heel strikt toepaste. Hij had het ook keurig van tevoren aangekondigd: één of twee keer een training missen in een week betekende een plaats op de reservebank, en zo ging het dus ook. Ik vind dat je dit niet zo scherp kunt stellen. Er kunnen allerlei omstandigheden zijn waarom iemand een keer niet traint. Stel je zo’n speler dan structureel niet op, dan doe je geen recht aan de situatie en bovendien benadeel je doorlopend het elftal. Je bent dan als trainer wel consequent, maar ik geloof er meer in dat je meebeweegt. Wel afspraken maken en je daaraan houden, maar je kunt verschillende soorten afspraken maken.’

Leer van de beste trainers
- Acht keer per jaar op de mat
- Interviews, oefenstof en analyses
- Korting op online cursussen
- LCD Tactiekbord Voetbal cadeau
- Inclusief abonnement op CoachVak
- Inclusief abonnement op VBT Basis