De Voetbaltrainer 176 is een speciale uitgave over België. We belichten de voetbal(trainers)situatie van allerlei kanten. Zo spraken we Michel Bruyninckx, iemand met een zeer afwijkende mening en werkwijze dan doorgaans gebruikelijk is in België. Bruyninckx interviewen is welhaast een onmogelijkheid. Niet omdat de Belgische trainer niet bereid zou zijn te vertellen over zijn visie, integendeel. Maar na de eerste vraag die hem gesteld wordt, volgt niets minder dan een complete verhandeling die ongetwijfeld iedere trainer minimaal tot nadenken aanzet.
De vraag die aan de orde is: hoe bereiken we onze speler en halen we het optimale uit zijn talent? Bruyninckx’ specialiteit: breincentraal leren in sport gebaseerd op cognitieve neurologie, neuropsychologie en neurobiologie. De Voetbaltrainer maakte met Bruyninckx de vertaalslag naar het veld.
Michel Bruyninckx: ‘De trainer zal moeten zorgen voor oefeningen, die de aandacht vereisen en vasthouden en die uitdagend zijn. In mijn oefeningen werk ik daarom graag met vormen waarin de nadruk ligt op samenwerking. Het leren beheersen van de tijd en de ruimte staat daarin centraal. Dit zijn ook de elementen die ten grondslag liggen aan de tegenwoordige successen van het Spaanse voetbal. Het zijn ‘intelligente’ oefeningen die steeds aandacht vereisen en spelers laten nadenken. Ze zijn niet gebaseerd op competitie, maar juist op samenwerking.
Een belangrijk beginsel van de trainingen is synchroniseren: als we een oefening doen, dan moet een speler altijd een andere speler ‘meenemen’ om de oefening uit te kunnen voeren. Ongeacht of die medespeler groot of klein, goed of slecht is. Ze moeten elkaar helpen. Als je kinderen al op jonge leeftijd tegen elkaar uitspeelt, moet je niet verbaasd zijn als je enkele jaren later sociaal en maatschappelijk de problemen op je af ziet komen.’
Lees het volledige verhaal van Michel Bruyninckx in De Voetbaltrainer 176. Als abonnee kunt u, na inloggen, tevens kijken naar de videobeelden die horen bij het artikel over Bruyninckx.