Door met 5-0 van Bulgarije te winnen lijkt Jong Oranje zeker van de eerste plaats in de poule, die recht geeft op deelname aan de play-offs voor het EK dat in 2013 in Israël plaatsvindt. Volgens bondscoach Cor Pot heeft zijn groep zich nadrukkelijk tot doel gesteld om daar opnieuw Europees kampioen te worden. Dat moet dan tevens een afscheid in stijl worden voor deze ervaren trainer. Voor de eerste keer zocht Sef Vergoossen samen met een redacteur een coach op voor een boeiend treffen tussen vakmensen. 1:4:3:3 Sef Vergoossen: “Wat mij boeit, is de vraag: ga je als bondscoach van Jong Oranje uit van je eigen voetbalidee en selecteer je daar dan de spelers bij? Of kijk je naar de beschikbare spelers en pas je daar, behalve aan de kwaliteiten van de tegenstander, je systeem op aan?” Cor Pot: “Op dit moment is het nog zo dat de KNVB van mij verwacht dat ik onder alle omstandigheden 1:4:3:3 speel. Natuurlijk kun je binnen dat systeem voldoende variëren. Speel je op het middenveld met de punt naar achter of naar voren, laat je de spitsen wel of niet van positie wisselen en waar zet je druk? Om maar eens een paar opties te noemen. Maar ik mag niet opeens voor een systeem met bijvoorbeeld twee spitsen kiezen, ook niet als ik geen echte vleugelspitsen tot mijn beschikking heb. Dat was bijvoorbeeld uit tegen Schotland het geval. Bert van Marwijk selecteerde diezelfde week zeven spelers van Jong Oranje voor het oefenduel tegen Engeland. Daar zaten ook mijn vleugelspelers bij. Ik heb toen de middenvelders Duarte en Bacuna als vleugelspitsen moeten opstellen. Bij de KNVB kunnen we aan de hand van objectieve analyses statistische conclusies uit interlands trekken. In dit geval zag je aan de looplijnen van Duarte en Bacuna dat ze tegen Schotland vooral als middenvelder gedacht en gehandeld hadden. Daarom wil ik binnenkort binnen de KNVB nog eens de discussie opstarten of het verstandig is om alle bondscoaches de verplichting op te leggen altijd en overal 1:4:3:3 te spelen. Volgens mij kunnen de omstandigheden je dwingen andere keuzes te maken. Ik heb me ook één keer niet aan die opdracht gehouden. Tijdens de play-offs voor het EK 2011 in Denemarken, waar ook een ticket voor de Olympische Spelen van Londen te verdienen was, verloren we thuis met 1-3 van Oekraïne. Dan wordt zo’n uitwedstrijd vanaf de eerste minuut een kwestie van pompen of verzuipen. In dat duel koos ik daarom niet voor buitenspelers, maar voor Bas Dost als diepe spits en daar vlak achter Luuk de Jong en Ricky van Wolfswinkel. We wonnen in een schitterende wedstrijd met 0-2. Vlak voor tijd schoot Goossens nog tegen de lat, maar we kwamen toch een doelpunt te kort. De coach van Oekraïne zei na die wedstrijd dat hij die dag een van de meest getalenteerde teams in Europa aan het werk had gezien. Ik bedoel maar: een voetbalvisie aan een bepaald systeem koppelen is lovenswaardig, maar de omstandigheden kunnen van een coach eisen dat hij toch tactisch andere keuzes maakt. Dat past ook bij de ontwikkeling binnen de KNVB dat van alle nationale teams optimale prestaties worden verwacht. Het gaat zelfs bij de jeugdinterlands niet meer alleen om opleiden, er moet ook gewónnen worden.” Lees het complete artikel in printuitgave De Voetbaltrainer 188.
Cor Pot: ‘Meedogenloosheid van spitsen en echte verdedigers vereist’
nldevoet-dehdari
3 min leestijd