VT200: Trainer en opleiding van de toekomst

nldevoet-dehdari

8 min leestijd

glazenbolHet vak van de trainer-coach is het laatste decennium sterk veranderd. De introductie van technische hulpmiddelen, de opkomst van de social media en de invloed van de sportwetenschap – het zijn zomaar een paar voorbeelden waarmee trainers zijn geconfronteerd. Alle reden om met een aantal prominente betrokkenen in de glazen bol te kijken. Hoe functioneert de trainer-coach over twintig jaar? Aan het woord komen: Gerard Marsman (CBV), Arnold Westen (VVON), Nico Romeijn (KNVB), Peter Jeltema (HJO FC Groningen), Han Berger (TD Australie), Edmond Claus (Chinese voetbalbond) en Ed Graper (Aspire Academy Qatar). We vroegen ook FC Utrecht-trainer Jan Wouters en de onlangs bij Racing Genk ontslagen Mario Been om zijn visie. 00673367 mario beenMario Been: “Als je over de toekomst nadenkt, heb je de neiging om vooral naar positieve ontwikkelingen te kijken. Maar ik weet niet zeker of het over 10 of 20 jaar zoveel beter zal zijn. Als het systeem binnen de voetbalwereld het nu mogelijk maakt dat  Real Madrid 100 miljoen mag betalen voor de aankoop van Gareth Bale, hoever zijn we dan verwijderd van het moment dat ook deze zeepbel ploft? Wat zijn daarvan dan de gevolgen? Combineer dat eens met het snel wisselende gedrag van mensen als het om vrijetijdsbesteding gaat. Ik sluit niet uit dat er zich, als die ontwikkelingen zich doorzetten, tegen die tijd nieuwe, interactieve (kijk)sporten hebben ontwikkeld die meer toeschouwers trekken dan het gemiddelde duel uit de eredivisie. Dat hoop ik natuurlijk niet, maar ik sluit het ook niet uit. De komende jaren zal er steeds meer geld worden geïnvesteerd in het vastleggen van specialisten binnen de begeleidingsstaf. Word ik als hoofdcoach straks op de bank gestuurd door wat anderen boven in het stadion aan analyses doorkrijgen? ‘Speler X moet nu gewisseld worden, want hij staat al 4 minuten in het rood’. Ik word daar soms nu al gek van. Een speler geeft aan dat hij zich fit genoeg vindt, zelf neem ik ook waar dat die speler uitstekend heeft getraind en dan komt iemand van de medische staf mij met een uitdraai in de hand vertellen dat het toch beter is dat die speler niet aan de wedstrijd begint. Als je dat kritiekloos laat gebeuren, word je als hoofdcoach steeds meer alleen een uitvoerder. Natuurlijk geef ik al die specialisten graag de ruimte om hun bijdrage te leveren aan een optimale prestatie van het team. Maar als eindverantwoordelijke wil ik, ook op basis van ervaring en intuïtie, toch ook de mogelijkheid hebben om een beslissing te nemen, die afwijkt van het advies van zo’n specialist. Misschien zit ik als hoofdcoach straks zelf wel in de nok van het stadion  en staat een assistent aan de zijlijn, die mijn instructies doorgeeft op basis van wat ik vanuit die positie en het scherm voor me beter heb kunnen waarnemen. Worden de commerciële belangen nog groter en verplicht die rijke clubeigenaar mij dat ik camera’s toelaat bij de wedstrijdbespreking, omdat zijn bedrijf dan weer een paar belangrijke secondes extra in beeld komt? Welke invloed hebben de sponsors straks op de keuze voor de hoofdcoach? Die ontwikkeling is immers al ingezet. Kunnen supporters de social media nog meer gebruiken om de druk op te voeren om een trainer te ontslaan? Wat is op het gebied van privacy straks de tol die de coach van een bekende club en zijn directe omgeving straks moeten betalen? Het mag duidelijk zijn dat ik me vooral ook zorgen maak over die toekomst. Van de andere kant is en blijft het waarschijnlijk toch het mooiste spelletje op deze aardkloot. Gelukkig maar.” Jan Wouters: “Ik vraag me af of het de kant opgaat van basketball, waar vrijwel iedere speler zijn eigen trainer heeft. Veel clubs zullen daar de middelen niet voor hebben, maar we zien al wel tendensen in die richting. Ik verwacht dat de functie van trainer zoals we die nu kennen, zal opschuiven in de richting van de Technisch Directeur. Je moet dan denken aan de rol zoals Sir Alex Ferguson die jarenlang bij Manchester United heeft vervuld.  De werkzaamheden op het veld zullen dan steeds meer door specialisten uitgevoerd worden. Maar als het zover komt, laat mij dan niet die Technisch Directeur zijn maar die specialist op het veld.” Edmond Claus en Ed Graper hadden meer ruimte nodig dan beschikbaar was in het artikel in De Voetbaltrainer. Hun uitgebreide antwoord volgt dan ook hieronder: Edmond China coach clausChina Edmond Claus: “De resultaten van de Chinese nationale teams vallen al jaren tegen. Voor de Chinezen  is dit een doorn in het oog. De huidige president is een groot fan van voetbal en de verwachting is dat China werk zal gaan maken van de voetbalontwikkeling in het land. Japan en Zuid-Korea zijn voorbeelden van Aziatische landen die hebben ingezet op een brede voetbalontwikkeling als basis voor het succes van de nationale (jeugd)teams. Het wordt China steeds duidelijker dat kortetermijnpolitiek in voetbal niet zal leiden tot het gewenste succes en er dus aan de basis van de piramide gebouwd moet worden. De mogelijkheden om succesvol te zijn, zijn aanwezig. Geld en mensen zijn er in overvloed, kennis kan worden ingekocht en voetbal is qua populariteit kijksport  nummer 1. Een gedeelte van het probleem waarom het Chinese voetbal nog niet succesvol is, ligt op het gebied van de 1-kindpolitiek, de visie op opleiden, de studiedruk, het politieke systeem en de opvoeding van kinderen. Het andere gedeelte van het probleem ligt op voetbalgebied. Er zijn weinig velden beschikbaar om te voetballen. De grootte van het land maakt het moeilijk organiseren. De gebrekkige voetbalinfrastructuur die daaruit voortvloeit en het gemis aan continuïteit in het management van de voetbalbond zijn onderdeel van het probleem. Dit resulteert erin dat er maar weinig voetballers zijn en China zoekende is naar zijn identiteit als voetballand. Op korte termijn verwacht ik met de huidige leiding in de Chinese voetbalbond en de richting die de Chinese politiek gekozen heeft dat er op voetbal gebied stappen gemaakt gaan worden. De opleiding wordt belangrijk gemaakt. Het zal zeker nog een aantal jaren duren voor deze nieuwe politiek zijn vruchten zal afwerpen. Het grassroots programma waarbij de kinderen op school in plaats van vier keer gymnastiek per week, twee keer voetbaltraining en twee keer gymnastiek krijgen, brengt op dit moment al meer dan 6 miljoen kinderen in aanraking met deze sport. Dit aantal zal op korte termijn sterk gaan stijgen. Met de juiste know how, verbeterde voetbalinfrastructuur, certificering/licentie-systeem en een beter besef van clubeigenaren wat opleiden kan opleveren, verwacht ik dat China zich in 2034 zal melden in de top 20 van de FIFA ranking. China wil eigenlijk wereldkampioen worden binnen twintig jaar, maar daarvoor zal er nog een hoop moeten gebeuren. Ik heb ondertussen in China wel geleerd dat hier werkelijk alles mogelijk is wanneer ‘de keizer’ (lees: de politiek) de opdracht geeft om als natie echt ergens de schouders onder te zetten. Dus wie weet…” DBOS4214Randvoorwaarden Ed Graper: “Als het gaat om het ontwikkelen van mensen dan zou enerzijds het vak van jeugdtrainer opgewaardeerd moeten worden en anderzijds zouden wij meer bezig moeten zijn met de kernvraag: ‘Hoe kunnen wij iedereen optimaal laten renderen binnen onze opleiding?’ Dus hoe kunnen wij het potentieel van mensen beter benutten, hoe ontdekken wij de beste leerstijlen, hoe zorgen wij voor een uitdagende en veilige leeromgeving waarin geen afrekencultuur heerst? De vergoedingen voor jeugdtrainers zouden ook tegen het licht gehouden moeten worden als wij de jeugdopleidingen een kwaliteitsimpuls willen geven. Bekwame trainers kiezen de laatste jaren steeds sneller voor een eerste elftal omdat de vergoedingen in het jeugdvoetbal niet interessant genoeg zijn. Als de topopleiding goed is, dan moet het geld opleveren in plaats van dat het geld kost. Ajax, Feyenoord en Sparta zijn goede voorbeelden. Wil je eisen stellen aan de jeugdtrainers om kwaliteit te leveren, dan moet er een realistisch toekomstperspectief zijn voor de trainers en spelers. Er moet altijd ontwikkeling en beloning aanwezig zijn. Iedereen wil graag bevestiging hebben dat men goed werk verricht. Dus het kan niet zo zijn dat aan de ene kant een topopleiding eisen stelt aan trainers maar aan de andere kant een trainer daar niet voor wordt beloond.  En hoeveel kapitaal willen we nu echt in onze jeugdopleiding steken of proberen we de schijn op te houden? Alle clubs roepen dat de jeugdopleiding hun levensader is, maar in de praktijk is dit slecht bij enkele clubs. De feiten en statistieken liegen niet, slechts enkele clubs leiden voor het betaald voetbal op. Het voetballandschap in Nederland is wel duidelijk maar clubs zijn te conservatief bezig en durven niet te innoveren om in te spelen op trends en ontwikkelingen. AZ is ook een positieve uitzondering omdat zij wel bewust en continu met innovatie en ontwikkeling bezig zijn op basis van een heldere visie. Kan elke club concreet aangeven waarin zij zich onderscheiden? Wij betwijfelen het. Investeren heeft als doel dat spelers alle mogelijkheden krijgen om zich zo goed mogelijk zich te ontwikkelen. Dit vraagt om begeleiding van mensen (specifiek dan wel algemeen) wat er voor moet zorgen dat spelers zich zo goed mogelijk kunnen ontwikkelen. Een trainer-coach zal naast de specifieke kwaliteiten en rol als trainer-coach ook spelers moeten kunnen begeleiden of taken moet kunnen uitvoeren die absoluut relevant zijn, maar niet direct te maken hebben met training geven en wedstrijd coachen. Te denken valt aan analyses, lifestyle begeleiding etc. De investering die gedaan worden, moeten zichtbaar zijn! Dagelijks en/of wekelijks en relevant zichtbaar.” Lees het complete artikel in de printuitgave van De Voetbaltrainer. Via deze link kan men online alvast de inhoudsopgave van de diverse artikelen van VT200 raadplegen.