VT202: Co Adriaanse: ‘De assistent moet van dezelfde kerk zijn’

nldevoet-dehdari

2 min leestijd

adriaanse202Co Adriaanse lijkt zijn trainingspak voorgoed uitgetrokken te hebben, maar blijft veelgevraagd op alle podia van ons nationale voetbal. Zo werd hij recentelijk aangesteld als Technisch Adviseur bij FC Utrecht, trad hij in dienst van de KNVB als docent bij de Cursus Coach Betaald Voetbal en is hij regelmatig te bewonderen als analist bij Studio Voetbal. Op het Trainerscongres in Zwolle werd Adriaanse aan de tand gevoeld door Joep Schreuder. In De Voetbaltrainer 202 het complete artikel Hieronder een fragment. Co Adriaanse: “Wanneer we kijken naar het presteren van Nederlandse clubs in Europa, moet je vaststellen dat het erop lijkt dat de Hollandse School tot het verleden behoort. We presteren niet meer, zo mag je toch wel stellen als je kijkt door welke clubs de Nederlandse deelnemers worden uitgeschakeld. De buitenspelers die we nog hebben, lijken wel buitenste binnenspelers geworden. Die gaan altijd naar binnen, met Robben en Fischer als kenmerkende voorbeelden. In de Hollandse School gingen die buitenspelers zeventig procent van de tijd buitenom. En dan heeft een spits er ook iets aan. Als die buitenspelers steeds naar binnen komen, kan de spits alleen nog maar van waarde  zijn indien hij extreem goed is in de kleine ruimte.” Assistent Co Adriaanse: “Mijn assistent moet in de eerste plaats loyaal zijn en te vertrouwen zijn. Je komt als coach zo veel moeilijke momenten tegen, dat deze begrippen heel belangrijk zijn. De assistent moet bereid zijn om erg hard te werken. Hij moet een goede veldtrainer zijn en in staat om hetgeen ik wil zien, om te zetten in trainingsvormen. De assistent moet vooral ook van dezelfde kerk zijn als de hoofdtrainer. Het is fnuikend als de hoofdtrainer steeds vooruit wil, en de assistent zegt doorlopend ‘Nou, ik zou het niet doen’ en die trekt telkens aan de rem. Dat werkt niet. De assistent moet de hoofdtrainer versterken in zijn visie.”