Het WK van de Franse nationale ploeg was niet overweldigend, maar verliezen van Duitsland bleek achteraf gezien geen schande. Mooi om zien was dat bondscoach Didier Deschamps de groep smeedde, iets wat zijn voorgangers niet was gelukt. En dat hij zijn tactiek van de voorronde wijzigde maar toch herkenbaar en aanvallend voetbal bracht. Na het debacle op het WK in Zuid-Afrika en de afgang op Euro 2012 in Polen en Oekraïne leek ook Didier Deschamps de Franse ploeg niet meteen de zo nodige boost te kunnen geven. Dan wel in vernieuwing en verjonging – het ‘opkuisen’ van de kern, de kwalificatie voor het WK in Brazilië hing aan een zijden draadje. Na de verloren heenwedstrijd in de barrages werd de scheve situatie in het Stade de France rechtgezet: 3-0. Dat zorgde voor een heuse boost waarin Deschamps een groot aandeel had. Plots was alles rooskleurig, maar Deschamps bleef wel op zijn hoede door te stellen dat de klemtoon op Euro 2016 lag. Dat de ploeg nog ervaring moest opdoen en dat het volk de verwachtingen niet te hoog mocht leggen. Het was namelijk al van 2006 geleden dat Frankrijk nog eens een groepsmatch kon winnen op een WK-eindronde. Door dat publiek te stellen, zette hij zijn groep al uit de wind voor er nog maar kon worden gedroomd van een WK-stunt. De volgende stap was zijn lijn van duidelijkheid aanhouden. Hij selecteerde daarom geen dertig spelers in een voorselectie, maar wel 23 + 7 spelers. Die 23 waren – zonder onvoorziene omstandigheden – zeker van hun WK-deelname, de 7 reservisten kenden ook hun (invallers-)rol. Die duidelijkheid zorgde er voor dat nervositeit binnen de groep omtrent al dan niet selectie in de kiem werd gesmoord. De Franse federatie heeft precies twee jaar geleden een gouden zet gedaan door Deschamps aan te stellen als bondscoach. Hij verzamelde 107 caps als speler en mocht in 1998 de wereldbeker in Parijs omhoog steken. Hij kent het reilen en zeilen op het allerhoogste niveau, heeft een correct imago, is zeker van zijn stuk, is duidelijk naar spelers, entourage, pers en publiek toe en hij heeft een prima uitstraling. Ook zijn palmares kan op enig respect rekenen. En door Eric Abidal thuis te laten liet hij zien niet naar namen te kijken. Het zorgt dat ‘DD’ een enorme achterban heeft. Volgens peilingen eind mei – drie weken voor aanvang van het WK – stond 78 procent van de Franse bevolking achter hem en wilde 69 procent hem ongeacht het resultaat in Brazilië aanhouden tot en met Euro 2016 in eigen land. Vroeger had Frankrijk leiders op het veld (Platini, Zidane,…), nu zit de maestro op de bank. Het is een niet te onderschatten stelling van Gérard Houllier in France Football. Alles wat hij zegt, doet en laat kan op respect rekenen binnen en buiten de FFF. Het is de gratie en het aanzien dat een bondscoach nodig heeft.
Voorbereiding Het eerste deel van de groep blies verzamelen op 19 mei in het nationaal centrum in Clairefontaine. Deschamps had liever al snel een oefenmatch gespeeld met de beschikbare spelers om zo de scherpte en het enthousiasme te verzekeren. De FIFA verbood echter duels tussen 19 en 26 mei, zodat op het oefencomplex zelf creatief werd omgesprongen opdat de spelers zich niet zouden vervelen. “Spelers van dit niveau stellen we zelf verantwoordelijk om tijdens de voorbereidingsperiode een juist evenwicht te vinden tussen fysieke top en familieleven”, liet Deschamps zich ontvallen. Toch werd de invulling van de stage niet geminimaliseerd: dynamische trainingen, discussies en ludieke momenten. “De groep moet dynamisch blijven, zeker in aanloop naar een belangrijke wedstrijd of periode van wedstrijden”, werd gesteld. Voor de belangrijke kwalificatiewedstrijd tegen Spanje had Deschamps er zo voor geopteerd om met zijn spelersgroep en staf te gaan paintballen. Op die manier werd voor rust en enthousiasme gezorgd en werd de – vaak van buitenaf gecreëerde – druk van de wedstrijd(en) weggehouden. Voor de eerste oefenpot tegen Noorwegen op 27 mei waren bepaalde spelers nog niet present – Varane en Benzema speelden en wonnen de UEFA Champions League, maar ook dat werd binnen de bond niet als negatief gezien. “Spelers die een Europese finale kunnen spelen, krijgen een boost en nemen dat mee naar de nationale ploeg”, werd geredeneerd. Tijdens de eerste voorbereidingsweek kreeg ‘DD’ spelers binnen die allen een andere trainingsintensiteit nodig hadden, spelers die zich in een andere fysiek dan wel mentale vorm op de stage aanboden. Sommige jongens kwamen uit blessure en anderen dienden nog te herstellen. Er waren spelers die net een prijs hadden gepakt en anderen die net een trofee aan hun neus hadden zien voorbijgaan. Sommigen waren al naar hun piek aan het toegroeien of waren zelfs al op hun best, terwijl anderen een topperiode achter zich hadden en in een neerwaartse spiraal verkeerden. Sommigen kwamen rechtstreeks uit competitie en anderen hadden er net een weekje vakantie opzitten. Als bondscoach had Deschamps maar één doel: zijn trainingen invullen zodat iedereen zijn maximale vormpeil bereikte op de dag van de eerste WK-wedstrijd. Deschamps hamerde op passing games als opwarming, waarna een positiespel 10:10 volgde. De keepers trainden steevast apart. Deschamps had zijn formatie al vorm gegeven tijdens de kwalificaties, wat voor veel duidelijkheid en rust zorgde binnen de groep, maar ook binnen de technische staf. Het ging hem vooral om details op punt zetten, het goede gevoel terugvinden en de basiself voor de openingsmatch tegen Honduras neerzetten. De 1:4:3:3 was een zekerheid, met als alternatief een 1:4:2:3:1. Dat was in de kwalificatiewedstrijden nochtans anders geweest, maar de return tegen Oekraïne had de ogen van Deschamps geopend. In het trainingsschema werd rekening gehouden met de belastbaarheid van de spelers en de mate van vermoeidheid. Acht spelers uit de basiself hadden het voorbije seizoen namelijk al meer dan vijftig wedstrijden gespeeld. Daarnaast moesten vier spelers herstellen van kleine blessures. Een week voor de eerste groepswedstrijd in Porto Alegre tegen Honduras zakte de delegatie af naar het basiskamp in Ribeirao Preto. De oplossing om de impact van het tijdsverschil van vijf uur te minimaliseren, werd gevonden in het dagelijks één uur opschuiven van de klok. Het werk van de physio Eric Bedouet (60) is hoofdfysiotherapeut van de A-kern van de Franse eersteklasser Girondins de Bordeaux en werd begin 2014 aangesteld om de spelers van het nationale team in optimale conditie naar de wereldbeker in Brazilië te loodsen. “Het is niet anders werken dan bij een club, alleen heeft NASA me hier de beschikking gesteld over een GPS. Die levert ons interessante gegevens op cardiologisch gebied. We gaan er geen wedstrijden mee winnen, maar we krijgen wel supplementaire indicaties over bijvoorbeeld de lichaamstemperatuur, de ademhalingsbewegingen en het stressniveau. Zeker in de betreffende klimatologische omstandigheden een meerwaarde.” De spelers deden op de dag van samenkomst in Clairefontaine medische testen om inzicht te krijgen in hun fysieke toestand, met name op vlak van hart, bloed en tanden. Daarna stelden Bedouet en dr. Franck Le Gall voor ieder een volledig individueel programma op. “Het moeilijke was om te recupereren en te herstellen zonder af te zien van het trainingsschema van de bondscoach. Sommige jongens hadden dit jaar 60 wedstrijden gespeeld, anderen hadden weinig speelminuten, sommigen hadden al een korte vakantie gehad. Met alles moest rekening worden gehouden.” De tweede etappe in de fysieke voorbereiding betrof de oefenduels. “Er werden een aantal tactische zaken uitgeprobeerd en iedereen moest voldoende ritme hebben om klaar te zijn voor die eerste WK-wedstrijd, maar langs de andere kant moest je weer rekening houden met overbelasting. Bovendien werd het lichaam in Brazilië extra belast door het reizen, de temperaturen en de klimatologische schommelingen.” Op het WK zelf werd het werk van Bedouet beperkt. “Ik was er vooral bezig met de jongens die niet of weinig speelden, zodat ze op elk moment topfit zouden zijn wanneer de bondscoach hen nodig had. Het beste voorbeeld van het nut daarvan is Franck Leboeuf, de verdediger die niet verwachtte te spelen op het WK van 1998 in Frankrijk. Tot Laurent Blanc geschorst was voor de finale….” Sociale media Nog voor er maar één bal was getrapt in de voorbereiding op het WK wist bondscoach Didier Deschamps al hoe sterk de kracht is van sociale media, en vooral Twitter. De niet-selectie van Samir Nasri (middenvelder bij de Engelse landskampioen Manchester City) kon op weinig begrip rekenen bij diens vriendin, die zwaar uithaalde naar Deschamps. De bondscoach liet het incident overwaaien maar nam tegelijkertijd geen duidelijke stelling over het gebruik van sociale media door zijn spelers op het WK. Om mee te gaan met zijn tijd wilde hij het niet verbieden als het om ‘koetjes en kalfjes’ zou gaan, maar alles zou in het werk moeten gesteld worden om “de groep te beschermen tegen zichzelf en het collectieve enthousiasme te behouden”, dixit Deschamps. Nieuwe start De Franse nationale ploeg liet zich van zijn kleinste kant zien op het WK 2010. Na een ruzie tussen aanvoerder Patrice Evra en de fitnesscoach weigerden de Franse spelers aan de training deel te nemen. Nadat uitgerekend de omstreden coach Raymond Domenech de kemphanen op het trainingsveld uit elkaar had gehaald, stapten alle spelers weer in de bus en trokken de gordijntjes dicht. In een persverklaring lieten de spelers weten dat ze uit solidariteit met de weggestuurde Anelka de training hadden geboycot. De aanvaller had Domenech diep beledigd tijdens de rust van de met 2-0 verloren wedstrijd tegen Mexico. Daarop stapte Jean-Louis Valentin, directeur van de Franse bond, op. Laurent Blanc kreeg de discipelen niet opnieuw op de rails, Didier Deschamps, die een contract heeft tot na Euro 2016 in eigen land, lijkt het wel te lukken. Zijn stelregel: met een nieuwe lei beginnen. Ook wat betreft spelersmateriaal. Van de 23 spelers die actief waren op het WK in Zuid-Afrika waren er slechts vijf ook in Brazilië bij: Lloris, Sagna, Evra en Valbuena.* Ervaren rotten die het jonge geweld – zowel defensief als offensief – de nodige ervaring moesten bijbrengen. Was er in Brazilië nog geen druk op het team, dan zal het Franse volk op het EK alweer een grootse prestatie verwachten. En terecht. Dit is een team met potentieel, en met een bondscoach die zelf alles heeft meegemaakt en nuchter met de voeten op de grond blijft. *Normaal moest ook Ribery daar bijhoren, maar die haakte geblesseerd af 1e groepswedstrijd vs. Honduras Frankrijk was torenhoog favoriet voor het eerste duel met Honduras, maar de Fransen moesten wel zien af te rekenen met hun WK blues. Deschamps koos ietwat verrassend voor een 1:4:3:3, terwijl hij in de kwalificaties vooral voor een 1:4:2:3:1 had geopteerd. Toch lag die 1:4:3:3 voor de hand. Het systeem had zijn nut bewezen in de tweede barragewedstrijd tegen Oekraïne – een belangrijke les die DD had geleerd, en die match had ook duidelijk gemaakt dat die formatie de spelers beter ligt. In VT199 had Deschamps uitgelegd dat hij voor 1:4:3:3 kiest wanneer er snel en veel moet worden gescoord. Die intenties werden meteen duidelijk tegen Honduras, dat pas na 24 minuten een eerste aanval kon opzetten. Verrassend was wel dat het team bij balbezit vaak omschakelde naar 1:4:4:2 in ruitvorm, waarbij Valbuena zich als spelmaker liet inzakken en Griezmann rond Benzema ging zwerven. Zo schepte Frankrijk ruimte voor de opkomende backs Debuchy en Evra en was er twee man voor doel om de voorzetten van de flank af te werken. Frankrijk was met veel pressing en aan een hoog tempo begonnen, maar deze ploeg toonde opnieuw het gebrek waarmee het al lang sukkelt: het creëren van uitgespeelde kansen. Pas kort voor de rust kwam Frankrijk op voorsprong via Benzema, die niet toevallig scoorde van op de stip. Het siert Les Bleus wel dat het tot dat moment altijd rustig was gebleven, een niet te onderschatten inbreng van Deschamps. De Franse bondscoach toonde zich daar meteen na het duel dan ook erg ingetogen over. Een andere verdienste van Deschamps is dat hij altijd voor dezelfde typeploeg heeft gekozen en dat vertaalde zich tegen Honduras in een bij momenten onnavolgbaar combinatiespel en zeer vlotte positiewissels. Na de rust stond Frankrijk tegen tien man te voetballen – na de rode kaart voor Palacios bij die strafschopfase. Dat zorgde voor overmacht, maar ook voor een verwaarlozing van de structuur, waardoor het er wat chaotischer uitzag. De dominantie leverde een soort 1:2:1:4:3 op, maar Honduras was dan ook geen waardemeter voor dit elftal. Wel een verdienste van Deschamps, ongeacht de kwaliteit van de opponent, is dat de Franse ploeg met veel bravoure, gedrevenheid en flair voetbalde, en dat van de eerste tot de laatste minuut. Altijd was er die drang naar voren. Het afhaken van een met de rug sukkelende Ribéry vlak voor de start van het WK had ‘DD’ verlost van de keuze voor Valbuena/Griezmann. Valbuena bleef rechtsbuiten, Griezmann kwam linksbuiten op de positie van Ribéry. Daardoor mocht Benzema alleen diep in de punt blijven spelen, wat zijn vertrouwen ten goede kwam. Dat wierp dus meteen zijn vruchten af. Het was namelijk een optie geweest om Giroud in de punt te zetten en Benzema aan de buitenkant, maar dat zou het systeem niet ten goede komen en evenmin het vertrouwen van de meest doeltreffende aller Franse aanvallers. Deschamps wist maar al te goed da dit een veredelde oefenpot was en legde in zijn eerste reactie na de wedstrijd al meteen de focus naar de partij tegen Zwitserland. (zie voor tekeningen onderaan artikel) 2e groepswedstrijd vs. Zwitserland Tegen Zwitserland koos Deschamps voor hetzelfde systeem en dezelfde spelers, op twee na. Zo schoof Benzema naar linksbuiten en kwam Giroud in de punt. Op die manier wilde Deschamps twee kopbalsterke en duelkrachtige spitsen in de box bij een voorzet van op rechts. Het succes van die samenwerking legde DD voor een deel ook bij zijn twee centrale middenvelders, die in balverlies hoog druk zetten. Het gevolg daarvan was dat de aanvallende buitenspelers, Valbuena en Griezmann het Zwitserse spel konden lam leggen door de Zwitserse opkomende backs op te vangen. Ondanks de winst en bijhorende kwalificatie bleef Deschamps met de voeten op de grond. Hij had het enkel over het bereiken van het eerste doel: de achtste finale. Vanaf dan zou het een ‘andere competitie’ worden. Zo hield hij de druk weg bij zijn spelers. Dit Frankrijk had immers sowieso veel meer in zijn mars, maar de groep had geen enkele ervaring met de eindronde op een WK en omgaan met de druk van WK-wedstrijden met rechtstreekse uitschakeling.
3e groepswedstrijd vs. Ecuador Om zijn vaste elf basisspelers in optimale vorm aan de start van de achtste finales te krijgen, gunde Deschamps enkelen van hen rust. Dat gaf hem ook de mogelijkheid om de invallers zich te laten bewijzen. Aan het systeem werd na de successen van de eerste twee duels niet meer geraakt. Frankrijk speelde een zeer matige eerste helft en dat was niet eens zo onlogisch. Enerzijds had deze ploeg nog nooit samengespeeld, waardoor er nauwelijks automatismen waren, en anderzijds hadden zes spelers geen vaste stek onder Deschamps, waardoor ze de voorgaande vier weken nauwelijks of niet hadden gespeeld. Een gebrek aan wedstrijdritme zorgde er voor dat het zoeken was naar de juiste aanspeelpunten, wat het spel ook erg vertraagde. Langs de andere kant werd er defensief nauwelijks iets weggegeven, wat Deschamps tot vreugde stemde. Wat gedurende de volle negentig minuten wel goed werd uitgevoerd, is de opstelling in balverlies. Van een 1:4:3:3 ging het naar een 1:4:1:4:1, waarbij de flankaanvallers naast de twee aanvallend ingestelde centrale middenvelders kwamen. Op die manier werden alle passinglijnen naar Zuid-Amerikaanse middenvelders afgesneden. Ander verhaal na de pauze. Ecuador kwam al snel met tien te staan en Frankrijk ging sneller en meer door de as combineren om vervolgens de flanken te gaan benutten – met backs die over de flankaanvallers gingen. De voorzetten kwamen op bestelling, maar de timing was vaak niet goed en de positie voor doel liet zo goed als bij elke bal te wensen over. Toch was Deschamps zeer relaxed na de wedstrijd. Hij straalde zowaar. Frankrijk had dan ook zijn doelstelling bereikt: kwalificatie voor de achtste finales, geen blessures en geen schorsingen. Bovendien was het met dat puntje tegen Ecuador groepswinnaar en ontliep het zo Argentinië.
Achtste finale vs. Nigeria Voor de wedstrijd tegen Nigeria speelde Deschamps in op de kwaliteiten van de tegenstander in die zin dat hij zijn defensie in balbezit toch laag liet staan, veel dichter bij doelman Lloris dan in de vorige partijen. De reden daarvoor was dat Nigeria heel krachtig en snel is in de omschakeling en Deschamps die dreiging zo wilde voorkomen. Frankrijk koos in de eerste helft vaak voor de lange bal richting targetman Giroud, die opnieuw in de ploeg was gekomen. Er was echter te weinig beweging rond hem om daar enig gevaar uit te puren. Op het uur bracht Deschamps Griezmann op links en schoof Benzema weer naar de punt van de aanval. Griezmann zorgde voor veel meer snelheid en animatie op de flank. Kwartfinale vs. Duitsland Frankrijk redde het niet tegen een meer ervaren Duitsland, dat al langer samenspeelt en kwalitatief verder staat. Deschamps begon in zijn gebruikelijke opstelling en rekende op Griezmann op de flank om de tragere Duitse defensie te ontwrichten. Duitsland had in tegenstelling tot zijn voorgaande duels gekozen om zijn traagste verdediger op de bank te zetten en Lahm opnieuw op de rechtsachter te posteren. Frankrijk kreeg in de beginperiode nog wel de beste kansen, maar het doelpunt van Duitsland was plots alle creativiteit voorin weg. Twintig minuten voor tijd greep Deschamps plots terug naar zijn 1:4:2:3:1, met Rémy op de flank en Valbuena als centrale spelmaker, en met Pogba en Matuidi als brekers met aanvallende impulsen. Vijf minuten voor tijd bracht hij noodgedwongen Giroud en schakelde over naar een 1:4:4:2 met Giroud, maar ook dat bracht Duitsland niet aan het wankelen. Hoe pakte Frankrijk het aan tegen Honduras? Opbouwend/aanvallend:
Verdedigend:
Tekst: Yves Brokken
WK-terugblik: Frankrijk heeft ploeg voor toekomst (VT-internetartikel)
nldevoet-dehdari
15 min leestijd