Wanneer we een voetbalwedstrijd observeren, zien we voornamelijk ongeorganiseerde spelsituaties. De bal wisselt van eigenaar en situaties zijn onvoorspelbaar. In diverse cursussen en opleidingen van de KNVB werden trainers de voorbije jaren toch vooral georganiseerde situaties aangeleerd. Na een uitbal of een doelpunt begint de keeper van de te coachen partij met een uitgooi of een doeltrap. Wanneer er aan de ene kant geconcludeerd wordt dat het voetbalspel voornamelijk bestaat uit ongeorganiseerde situaties, wat betekent dat aan de andere kant dan eigenlijk voor de inhoud van onze opleidingen en het handelen van de trainer-coach? Principes Nico Romeijn: “Ik begrijp heel goed dat trainers aan hun spelers bepaalde algemene principes willen aangeven. Bijvoorbeeld: als je opbouwt van achteruit, hoe speel je dan een ondertal van aanvallers uit? Wat zijn vervolgens de mogelijkheden om je middenveld en je spitsen te bereiken? Dit gaat veelal georganiseerd. Echter wil je ook dat spelers tijdens het opbouwen op de training al in situaties komen die erg lijken op de wedstrijd. Dus dat een tegenstander op verschillende manieren drukzet of dat een speler zelf de mogelijkheid neemt om een keuze te maken. Hiervoor is het nodig dat je een opbouwsituatie ook ongeorganiseerd aanbiedt. Dus in een vorm waarbij niet van tevoren vaststaat hoe de opbouw gaat verlopen. Een trainer zal zich gaan afvragen of datgene wat hij wil met zijn groep, ook daadwerkelijk bereikt wordt. Hij wil ervoor zorgen dat zijn spelers hun taken in de wedstrijd zo goed mogelijk uitvoeren en dat spelers zo goed mogelijk ontwikkeld worden in hun taak. Maar hoe kun je dan een leersituatie neerzetten waardoor de spelers dáár op worden voorbereid? En is dat een leersituatie die dicht genoeg op de werkelijke situatie van de wedstrijd zit? Dus, des te werkelijker de training is, des te groter de kans dat spelers iets ook in de wedstrijd gaan toepassen. Want er is een verband tussen het oefenen en het toepassen. Eigenlijk, als je wilt komen tot de kern, gaat het om de volgende vragen: Wat is voor mijn groep tijdens een training het beste middel om beter te leren voetballen? En wat is daarbinnen de balans tussen georganiseerd trainen en ongeorganiseerd trainen? Hoe zorg ik dat er – zo goed als zeker – transfer plaatsvindt tussen training en wedstrijd?” Lees het complete artikel in de printuitgave van De Voetbaltrainer. Nog geen abonnee? Vind hier meer informatie.
Het échte leren: de rollende bal (VT205)
nldevoet-dehdari
2 min leestijd