Nol Hornix is als fysiektrainer bij ADO Den Haag betrokken bij de planning van de voetbalconditionele trainingsopbouw, het monitoren en evalueren van trainingen, het verzorgen van iedere warming-up en de kracht-, snelheids- agility- en hersteltraining. Een heel divers takenpakket dus voor de man die van vele markten thuis moet zijn. Hoe gaat Hornix te werk en hoe verloopt de samenwerking met de technische staf? Grens opzoeken Nol Hornix:“Toen ik bij ADO kwam, werd ik in eerste instantie verrast door hun keuze in de planning. Bij ADO volgde na de wedstrijddag doorgaans de vrije dag en daarna de hersteldag. Inmiddels heb ik ervaren dat deze keuze een groot voordeel biedt. De hersteltraining wordt in feite ook een opstarttraining, waardoor je na deze dag van herstellen/opstarten gemakkelijker een overloadtraining zult plannen. In het voetbal neigt men er naar om dat na een vrije dag minder snel te doen. Dus in feite win je een dag. Overigens vind ik dat we in Nederland veel te angstig zijn om hard te trainen. We zijn bij trainingen te veel bezig om blessures te voorkomen. Periodisering is er echter ook om prestaties te verbeteren en om te kunnen individualiseren. Dat laatste is soms lastig, maar het lukt de meeste clubs steeds beter. Dat eerste, dus prestaties verbeteren, dat gebeurt m.i. te weinig. Ik denk dat clubs in Nederland, die niet midweeks Europees spelen, te veel bezig zijn met onderhouden. Wil je winst boeken, dan zul je op den duur harder, vaker en langer moeten trainen. Hiermee hangt samen het al dan niet twee keer trainen per dag. Ik denk dat het goed mogelijk moet zijn om na de hersteldag (bij ADO de derde dag na een wedstrijd) twee keer te trainen, in de ochtend een krachttraining (evt. direct gevolgd door een transfertraining op het veld, bijv. herhaald kort sprintvermogen i.c.m. agility) en in de middag een voetbalconditionele veldtraining. Deze dag staat veraf van de volgende wedstrijd en dus is er voldoende tijd voor herstel. Ik heb het hier dus over een verantwoorde manier om de grenzen van de belastbaarheid door trainingsarbeid op te zoeken. Als we blijven ‘onderhouden’, gaan we juist op den duur meer blessures krijgen. Voor wat betreft krachttraining vind ik trouwens dat je daarmee al in de jeugdopleiding moet beginnen, vanaf ongeveer eerstejaars B-junioren. Als ze naar de eerste selectie overstappen, moeten ze de gehele krachtpiramide doorlopen hebben: 12/10/8/5-herhaling- maximum (verder dan vijf hoef je bij voetballers niet te gaan), snelkracht, explosiefkracht, plus de omzetting. Natuurlijk dienen ook de andere fysieke eigenschappen bij de jeugdteams gepland en getraind te worden.” Wilt u het complete artikel lezen? Word abonnee! Kijk hier voor de mogelijkheden.
‘In Nederland moeten we minder onderhouden en zwaarder trainen’
nldevoet-dehdari
3 min leestijd